OdeEen ode aan het geschreven woord. Zo noemt de Vlaamse tv-zender Canvas het programma Winteruur. Bescheidenheid, doorgaans een kwaliteit van de Vlaming, is niet nodig. Want Winteruur is een pareltje. Het zit verstopt rond de klok van elf, vier avonden per week. Meevaller van de dag: de uitzendingen zijn terug te zien op de website van Canvas.

Het concept is eenvoudig. Cabaretier Wim Helsen ontvangt een bekende Vlaming of Nederlander. Die leest een favoriete tekst voor en vervolgens gaan ze het er samen lekker over hebben. In tien minuten tijd en dus niet een uur lang zoals de titel Winteruur suggereert. Hond Boris slaapt gewoon door.

Winteruur levert uiteraard mooie, verrassende tekstfragmenten op uit romans, gedichten of songteksten. Plus een blik in de ziel van de gast van de avond. De gasten komen uit de wereld van wat we gemakshalve kunst, cultuur en media noemen. Van Selah Sue tot Herman Brusselmans en van Tom Lanoye tot Roos Rebergen. Veel Vlamingen die hier minder bekend zijn, maar dat is zeker geen straf. Eerder een prettige kennismaking.

De gekozen teksten hebben zich vaak al in de puberteit in de geest van de gast vastgebeten om daar nooit meer uit te verdwijnen. Ze bewijzen dat de grootste literatoren het kleinst schrijven, kaal, zonder franje. Een toefje Orwell, een flardje Hemingway, een paar regels Kipling of een stukje uit een zelfhulpboek, alles mag in Winteruur. Veel menselijk tekort, maar ja, daar gaat literatuur al snel over. Het laat, als alle kunst, zien dat we niet alleen zijn.

Bijvoorbeeld Erik de Jong a.k.a. Spinvis. Hij leest een gedicht van Gerard Reve en raakt ook zoveel jaar na de eerste kennismaking op die magische, ontvankelijke puberleeftijd weer diep geroerd. En passant duidt hij trefzeker het gods- en mensbeeld van onze enige volksschrijver, die als geen ander het alledaagse naar het grootse weet te verheffen. Spinvis las dit gedicht, uit de bundel Nader tot U:

Graf te Blauwhuis

voor buurvrouw H. te G.

Hij rende weg, maar ontkwam niet,

en werd getroffen, en stierf, achttien jaar oud.

Een strijdbaar opschrift roept van alles,

maar uit een bruin geëmailleerd portret

kijkt een bedrukt en stil gezicht.

Een kind nog. Dag lieve jongen.

 Gij, die koning zijt, dit en dat, wat niet al,

Ja ja, kom er eens om.

 Gij weet waarom het is, ik niet.

Dat Koninkrijk van U, weet U wel, wordt dat nog wat?

De Vrolijke Spruit